![]() |
|
|
|||
| Minerva AL 40cv, 8 cyl., 1930. | |||
| De gloriejaren van de Belgische
produktie, die in de verzameling van Autoworld waardig wordt vertegenwoordigd,
waren de jaren voor de Eerste Wereldoorlog. De Belgische merken namen het
toen op tegen de meest prestigieuze internationale automerken. De pioniers Dankzij de snelle industrialisering stapt België snel in het avontuur van de autoproduktie. In 1894, wordt de Vincke, de eerste wagen op de Belgische markt, ontworpen in een werkplaats in Mechelen waar normaal spoorwegwagons worden aangekleed. 1900 - 1914 : de gouden jaren |
|||
Vivinus 7cv, 1900. |
Talrijke merken fabriceren auto's en
motorfietsen van uitstekende makelij en aan competitieve prijzen. Ze genieten
van mooie successen in het buitenland, drie op vier in België ontworpen
en gebouwde auto's waren indertijd bestemd voor de export. |
||
| De belangrijkste merken,
waarvan we in het museum enkele modellen kunnen bewonderen, zijn Minerva,
het beroemdste Belgische merk, opgericht door Sylvain de Jong, F.N. : ook
gespecialiseerd in motorfietsen, Imperia en Miesse. De schok van de Grote Oorlog In 1914, komt België op de eerste plaats in de internationale automobielindustrie. Maar de oorlog zal aan deze ontwikkeling een einde maken. Eigenaardig genoeg is het meest beslissende element niet de vernieling van de fabrieken, maar wel het einde van de "vrije markt" en het feit dat verschillende landen, vlak na de oorlog, protectionistische economische maatregelen nemen. Minerva blijft een belangrijke rol spelen als heel groot merk. F.N., Excelsior en Imperia leggen zich toe op grondig uitgewerkte wagens die echt aanslaan. Pipe, legt zich uitsluitend toe op vrachtwagens. Jaren 30 : het verval In de meeste landen kenmerkt een belangrijke technische nieuwigheid het begin van de jaren dertig : onafhankelijke wielophanging, voorwielaandrijving en geheel stalen koetswerk maken hun opwachting. Maar de Belgische industrie werd zwaar getroffen door de economische crisis en beschikt niet over de nodige financiële middelen om het tegen die vernieuwingen op te nemen. Het einde van de originele produktie |
|||
Imperia TA-8 Sport, 1948. |
Tijdens de periode van 1930 tot 1940
zien we dat de nationale automobielindustrie stilaan wordt vervangen door
een assemblagenijverheid voor buitenlandse modellen. Elk onderzoeksinitiatief
en elke uitvindersactiviteit verdwijnt. Wat overblijft is een activiteit
van zuivere produktie. |
||
| IMPERIA. Imperia is niet
in staat zijn modellen te vernieuwen en schaft zich een licentie aan voor
de bouw van een uiterst moderne auto : de Adler, een uitstekende Duitse
auto met voorwielaandrijving. Zo kan de naam Imperia op mooie wagens blijven
verschijnen tot 1940. F.N. geeft het bouwen van auto's op in 1935, maar blijft met succes zijn uitstekende motorfietsen en gebruikswagens produceren. Wat gebruikswagens betreft krijgt België even uitstel en gedurende enkele jaren, zelfs na de Tweede Wereldoorlog, blijft het land uitstekende vrachtwagens en autobussen fabriceren, zoals Brossel, Miesse, F.N. en de jeeps van Minerva. Het geheugen van de Belgische automobielnijverheid Na de tweede wereldoorlog hebben de enkele Belgische constructeurs geen weerstand kunnen bieden tegen de buitenlandse concurrentie. En van de glorietijd van de automobielindustrie in België blijft niets over. Enkele zeldzame gepassioneerde verzamelaars hebben het geluk vandaag nog te rijden in een old-timer die in ons kleine landje werd gebouwd. En voor alle anderen, uit de hele wereld, biedt de verzameling van Autoworld een mooie plaats aan de prachtige modellen die onze industrie groot maakten. |
|||
|
©2005 - Autoworld Brussels - Contacteer ons - Privacy Statement |
|