![]() |
|
|
|||
| Perspectief van het Jubelpark. | |||
| De triomfboog is de poort van de stad en vormt een belangrijk urbanistisch symbool. Enerzijds versterkt ze de overgang tussen de stad en het platteland. Anderzijds viert ze het historische en illustere karakter van de stad. Onder invloed van koning Leopold II, ontwerpt Bordiau in 1880, één boog die de beginselen van eenheid, eenvoud en aanzien oproepen. In 1900, volgt Charles Girault de architect Bordiau op, en hij zal de toelating krijgen om opnieuw over het monument na te denken. Hij stelt een ontwerp voor met drie even brede en even hoge bogen. En in 1905, na acht maanden hardnekkig werken, is de Triomfboog eindelijk af. Een indrukwekkend bronzen beeld werd er bovenop opgericht om de Belgische onafhankelijkheid te verheerlijken : Brabant op zijn strijdwagen, getrokken door vier in volle beweging gevatte paarden, zwaaiend met de nationale vlag. Voor de tentoonstelling van 1880, had men voorzien een reeks paviljoenen en metalen hallen op te trekken achter het Paleis. 1905 : De Hal wordt in twee symmetrische delen opgesplitst om een ruime binnenplaats vrij te maken. Zo ontstaan de twee Hallen die we vandaag kennen. De noordelijke hal : Luchtvaartmuseum. De zuidelijke hal heet Wereldpaleis, en wordt tegenwoordig bezet door het Automobielmuseum. In 1920 : Deze hallen worden omgebouwd tot een bijzonder internationaal museum : het verheerlijkt de eenheid en broederlijkheid in de hele wereld, vandaar de naam "Wereldpaleis ". 1986 : inrichting van de Autoworld. Deze zuilengalerij in halve cirkelvorm, in het midden overheerst door een monumentale triomfboog, beantwoordt aan bepaalde betekenissen en gebruiken. Het eerste doel is een overdekte verbinding tussen twee gebouwen te verzekeren. Het tweede doel is er een plaats van te maken waar tribunes kunnen worden opgericht voor manifestaties zoals de openbare feesten van 1880. Het halfrond is klaar in 1888. En in 1932 krijgt de zuilengalerij zijn definitieve sierlijst in de vorm van een mozaïek van 360 m2. Het thema dat door de kunstenaars werd uitgewerkt is "De verheerlijking van het vredelievende en heldhaftige België ". De paleizen van de architect Bordiau liggen in de lijn van de glas- en staalstructuren van het einde van de 19e eeuw. Bordiau voegt een meer traditioneel element toe aan deze moderne materialen : steen. Naast de tentoonstellingsruimte, zijn de hallen vooral een zinnebeeld dat we moeten begrijpen als een symbool van de industriële autoriteit. Noordelijke vleugel : Koninklijk Museum van het Leger en van de Krijgsgeschiedenis sinds 1911. Zuidelijke vleugel : Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis Het gebouw werd vernield door een brand in 1946 en werd pas 2 jaar later weer opgebouwd in de lijn van de oorspronkelijke architectuur, in het kader van de verfraaiing van Brussel voor de Wereldtentoonstelling. In bouwkundige termen brengt het idee kunst en technologie te verspreiden onder een zo groot mogelijk publiek, Bordiau ertoe nieuwe uitbreidingen voor te stellen. Het succes van de tentoonstelling van 1880 moedigt de stad Brussel aan het park uit te breiden van 12 hectaren tot 30 hectaren, samengesteld uit schilderachtige tuinen, kleine vijvers en watervallen. Vanaf het begin van deze eeuw herbergt het Jubelpark handelsbeurzen, ballonvaarten, wielerwedstrijden en andere volksfeesten. De dicht bebouwde wijken in de buurt belemmeren de uitbreiding van het Park die het organiseren van internationale manifestaties zou toelaten. Dus wordt in 1930 de wil uitgedrukt van deze groene zone een ontspanningspark te maken. Dit eerste monument van Victor Horta is nog geen manifest van de radicale "Art Nouveau" -architect, maar we voelen reeds aan dat hij evolueert van het klassieke model naar een meer zuivere en krachtige expressie. De Toren Hij werd gebouwd om de bouwkundige kwaliteiten van de Doornikse steen te tonen en te benadrukken. Binnen heeft de architect een zeer mooi gewelf ontworpen. Het panorama van Cairo is de belangrijkste attractie van de Wereldtentoonstelling van 1897. Maar het gebouw vervalt en de te duur geachte restauratie zorgt in 1906 voor de titel " Schandelijke wrat ". 1978 : Het gebouw wordt gerestaureerd en opnieuw in gebruik genomen met een nieuwe bestemming : hoofdmoskee van Brussel. De zuilengalerij van Quenast In 1880 laat de grootste uitbater van de purpersteengroeven zijn aanwezigheid blijken door twee zuilen in dat materiaal op te richten. Ze worden bekroond door twee bronzen standbeelden die de Handel en de Industrie voorstellen. Het is één van de zeldzame monumenten die werden opgericht om de kwaliteit van een nationaal produkt te verheerlijken. |
|||
|
©2005 - Autoworld Brussels - Contacteer ons - Privacy Statement |
|